Een zee aan grijze koppies?

Bij belevingsgerichte zorg is het erg belangrijk dat we iedere oudere waar we voor zorgen, blijven zien als uniek, waardevol individu. Tot mijn schande zag ik dat vroeger niet zo. Ouderen in ‘bejaardenhuizen’ (zoals dat toen nog heette) waren voor mij één grote zee van ‘grijze koppies’. Niet gek natuurlijk, want dat was (en is nog steeds) het maatschappelijk beeld van zeer oude mensen: grijs, oud, krakkemikkig, langzaam, saai, eentonig. Kijk maar naar ouderen in strips, films, boeken. Ze hebben zelden eigenheid.

Ook mijn grootouders voldeden aan dit beeld: mijn ene oma had een keurig gepermanent grijs opgestoken kapsel, een bril die vaak halverwege haar neus zat en altijd een bloemetjesjurk aan, om haar royale taille. Ze was lief en zacht en woonde in een flatje tussen allemaal andere bejaarden. Ze breidde truien voor ons, donkerblauwe, van kriebelwol. En ze leerde mij ook breien. Dat vond ik leuk! Ook mijn opa voldeed aan het beeld: hij was kaal, gerimpeld, strak in het pak en rookte sigaren. Alleen mijn andere oma, die van moeders kant, was anders. Ze had filmsterachtige allures: Grace Kelly was er niks bij. Juwelen, elegante jurken, bontmantels, een cabriolet. Maar zij was in mijn beleving de uitzondering die de regel bevestigde. Tja, lekker eenvoudig, zo’n beeld. Toen ik twintig jaar geleden als humanistisch geestelijk verzorger in de ouderenzorg ging werken, moest ik dat beeld, of zeg maar gerust dat vooroordeel, ernstig bijstellen. In de huizen waar ik kwam, woonden werkelijk allerlei soorten mensen: dik, dun, grijs, bruin, zwart, wit, bebaard, geschoren, langharig, met een kort koppie, en – veel belangrijker nog - met zeer diverse karakters en achtergronden. Het waren moeders bij, vaders ook, alleenstaanden, weduwen(aars), intellectuelen, boerinnen, kluizenaars, vakvrouwen, garagehouders, kunstenaars. Oef!

Toen ik jaren later ook nog eens de belevingsgerichte scholing bij het IMOZ deed, wist ik het zeker. Die zee van grijze koppies bestaat helemaal niet. Er bestaan allen zeer diverse mensen die al een erg lange leef-tijd hebben en die vanwege hun aandoening en verder volkomen toevallig in eenzelfde verpleeghuis komen te wonen. Net als mijn grootouders indertijd zijn ze stuk voor stuk karakters. Met gevarieerde levenservaringen, verschillende gevoelens, temperamenten. Ieder van hen is net zo uitzonderlijk en uniek als jij en ik. En waarschijnlijk zijn de verschillen tussen hen nog groter, omdat zij al zo lang leven en zoveel rollen en tijden in zich verenigen. Als we dus voor hen willen zorgen, dan is de eerste vereiste dat we hen écht leren kennen in wie ze nu zijn én in wie zij van binnen nog meer zijn: al die jongere identiteiten, die ervaringen die ze met zich meedragen uit hun lange lange leven. Dat wij hen ontmoeten en open met hen contact maken. Dat wij beseffen dat alles wat zij doen en zeggen, iets te betekenen heeft vanuit hún leven. Daar moeten we naar op zoek! Als dat lukt, dan zien wij hen echt en dan versterken wij hun eigenwaarde en uniciteit, die door hun leeftijd en gebreken zo op het spel staan. Dan helpen we hen mens te blijven in vaak best moeilijke omstandigheden.

Mooi dat ik nu inmiddels besef dat mijn breidende oma ongetwijfeld net zo uniek was als mijn flamboyante oma. Ik heb haar gewoon niet goed genoeg kunnen leren kennen - ze stierf toen ik twaalf was - om te ontdekken waarin zíj uniek was.

Marcelle Mulder, juni 2022

IMOZ-kennisinstituut voor Belevingsgerichte Zorg.

Misschien vind je dit ook leuk

Belevingsgerichte zorg, verhalen uit de praktijk -IMOZ blog van Marcelle
Persoonlijk bewustzijn en groei voor deze zorgprofessional in de palliatieve zorg
Ontmoet & Groet, samen verbinden op de IMOZ’ Zomer Barbecue

Imoz

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.